Uitgesproken Lauk: Terminaal

Na mijn geslaagde operatie eind november, waarbij een tumor succesvol uit mijn nek werd verwijderd, kreeg ik het advies om in Raalte naar een fysiotherapeut te gaan, die gespecialiseerd is in oncologie. Tenminste, in de behandeling van oncologische patiënten vermoed ik. Oncologie klinkt trouwens veel minder erg dan kanker. Afgelopen maanden was ik daarom lid van een bijzonder clubje oudere mannen, dat wekelijks een uurtje door fysiotherapeute L. van ‘Salland’ onder handen werd genomen. Allemaal met verschillende vormen van kanker, allemaal in verschillende stadia met of zonder chemo en bestraling en met meer of minder zicht op herstel. Zoiets schept een sterke onderlinge band, heb ik gemerkt.

Nooit eerder heb ik ook ergens een conversatie gehoord als: ‘Bij mij is het uitgezaaid in de botten.’ ‘Bij mij alleen in de lymfeklieren…’ Als ik het opschrijf, klinkt het allemaal bikkelhard maar in dat zaaltje in die veilige omgeving onder elkaar was het een gewoon gesprek.

Ik was een van de jongsten, alles is relatief, maar allemaal hebben we flink wat kilometers op de teller. En dus ook allemaal gezamenlijke herinneringen aan het vroegere Raalte. In een tijd dat de kranten nog het OD, het SD en dè Zwolse heetten, de burgemeester Zuidwijk, Grand Café Neuf nog Blom, Laurel’s nog TK, de Gouverneur nog Munstersche Posthuis en patatboer Robby’s nog Jan List. Een tijd waarin Raalte wijd en zijd bekend stond als het dorp met die grote psychiatrische inrichting. Bij vooral het katholieke deel van Twente (inclusief mijn schoonouders in Enschede) was de naam Raalte bijna synoniem voor een gekkenhuis. Nu staat de naam Franciscushof voor een nieuwe woonwijk waar het straks riant wonen is volgens de borden bij Kruispunt Bos. Al denken omwonenden daar nog wat anders over.

Dit gezelschap oudere en dus in principe ook wijzere mannen haalde niet alleen herinneringen aan die tijd op, maar gedroeg zich soms ook als een vrolijk en ondeugend schoolklasje. Opeens galmde dan een liedje van wijlen volkszanger Jantje Koopmans door het zaaltje, luidkeels gezongen door B. En als iemand een fitheidstest moest afleggen, werd hij toegejuicht. Net als bij het behalen van een nieuw persoonlijk record op de loopband, al moet je dan eerder aan de tijden van de Paralympics denken dan aan die van de Olympische Spelen.

Voor fysiotherapeut L was het een hele klus om een beetje orde in de tent te houden met zo’n gezelschap rumoerige mannen. Dat deed ze met veel verve. In keurig Nederlands of in vloeiend Broeklands hield ze de wind eronder. Dat ze even vrolijk als vriendelijk en respectvol ‘de juf’ werd genoemd door het gezelschap, maakte haar niet uit.

Hoe serieus kanker ook is, dat weerhield niemand er van om er grappen over te maken. In een van mijn laatste oefensessies werd ik aan een nieuwkomer voorgesteld als zijnde ‘terminaal’. Daar schrok de goede man nogal van. Waarna lachend de toevoeging kwam: “Lauk is volledig hersteld en is hier bijna klaar.” Mooi staaltje galgenhumor, daar knap je toch het meeste van op.