Motie van wantrouwen tegen Van Loevezijn haalt het niet

Wethouder krijgt gele kaart van de raad inzake gang van zaken bij sociaal werkbedrijf Raalte

(Door Wouter Groote Schaarsberg)

RAALTE – Wethouder Jacques van Loevezijn heeft afgelopen donderdag een motie van wantrouwen van de oppositie overleefd. De coalitie stemde tegen, maar steunde (inclusief het CDA, Van Loevezijns eigen partij), net zoals de oppositie, wel een motie van afkeuring (foei toch, niet weer doen). Het draaide allemaal om de onrust bij De Productie, het sociaal werkbedrijf dat de sociale werkvoorziening van Stichting Werk Raalte (SWR) uitvoert. Dat gebeurt op de eigen productielocatie in Raalte, bij de afdeling beheer van de gemeente en bij verschillende bedrijven in de regio. Daar werken zo’n tweehonderd mensen.

De onrust heeft alles te maken met het besluit van de gemeente om De Productie te reorganiseren. Een aantal taken (groen en detachering) ging naar de gemeente. Directeur Leo Koopal was het daar niet mee eens en kwam daarmee in conflict met het bestuur van SWR. Hij werd recentelijk ontslagen. Tot verdriet van medewerkers, die bang zijn dat er niks over blijft van het sociale werkbedrijf. Het bestuur van SWR werd eerder gevormd door onder andere Van Loevezijn en zijn collega Frank Niens. Twee wethouders, niet echt handig, zo concludeerden ze zelf ook. Daarom namen zij eerder afscheid van het bestuur dat sindsdien gevormd wordt door ambtenaren. Een daarvan is inmiddels ook met trammelant vertrokken. Van Loevezijn heeft het dossier inmiddels overgedragen aan wethouder Gerria Toeter.
De raad, inclusief de coalitiepartijen (Gemeentebelangen, CDA en VVD), verwijt Van Loevezijn dat hij de boel uit de hand heeft laten lopen en te weinig regie heeft gevoerd. Bovendien had de wethouder de raad niet op de hoogte gesteld van de problemen. Dat terwijl er, zo stelde Ben Nijboer van BurgerBelangen, al twee jaar een veenbrand woedde. Van Loevezijn trok het boetekleed aan. “Terugkijkend had ik inderdaad zaken anders moeten doen. Daar ben ik heel eerlijk in, Ik had anders moeten handelen op een aantal zaken. Ik wil oprecht mijn excuses maken aan alle betrokkenen: de medewerkers van De Productie en de medewerkers van de gemeentelijke kant.”
Egbert Den Daas (Lokaal Alternatief), Ben Nijboer en Arie van der Wilt (PvdA) zaten die avond lekker in de wedstrijd. Zij stelden de vragen die ertoe deden. Den Daas: “Onthutsend, dat is de eerste reactie die bij me opkomt als ik alle documenten, maar zeker ook de gesprekken met het management en de OR op me in laat werken. Over het feit dat er met de belangen van kwetsbare mensen gesold is en dit alles doordat er een te zwakke wethouder is en een te dominante ambtelijke top.”

Antwoord schuldig

Belangrijke vraag was hoe de onrust is ontstaan. Dat lijkt alles te maken te hebben met het afstoten van taken en ruis over het aantrekken van extra taken bij De Productie. Koopal leek ervan overtuigd te zijn dat dat dat laatste mogelijk was, de gemeente dacht er anders over. Ben Nijboer vond er het zijne van: “Er is maar een conclusie mogelijk: beide wethouders hebben in hun rol de directeur en De Productie alle ruimte gegeven te werken aan nieuwe doelgroepen, ook nadat het college al een ander besluit genomen had.”
Ook was er veel kritiek op het gebrek aan communicatie richting de raad. Van Loevezijn zei dat er dan wel plooien waren, maar al die tijd gedacht te hebben dat het allemaal wel goed zou komen. Maar echt concreet werd zijn uitleg nergens. Ja, hij gaf wel aan dat hij na afloop van zijn jaren in het bestuur van Stichting Werk Raalte niet echt meer welkom voelde bij het management van De Productie, maar waarom dan precies, daarover bleef hij het antwoord schuldig. En daarmee bewees hij zichzelf die avond geen dienst.

‘Sorry niet genoeg’

Arie van der Wilt vatte het samen: “Ik vond dat beantwoording van de wethouder exact aangaf waar het probleem ligt, want de wethouder heeft echt geen idee waar het fout gaat. Ja, misschien was er wat ruis, hij dacht dat het wel goed kwam, hij had misschien wat beter moeten doorvragen; nee: de wethouder had een begin van leiderschap moeten tonen. En dat was er niet. Want op het moment dat je je verantwoordelijkheid overdraagt aan het bestuur, moet je zorgen dat er op dat moment geen speld tussen te krijgen is; dat het heel helder is wat je wilt. Daar heeft het volledig aan ontbroken. Het gevolg daarvan is dat er een bestuurder weg is, de andere twee fors beschadigd zijn, dat mensen van de Productie beschadigd zijn, zowel het management als de interim-directeur, en dat er onrust is op de werkvloer. En dan is sorry niet genoeg.” En: “De vraag: ‘Waarom moeten de mensen van De Productie mij als persoon niet meer?’; de kern, daar komt ie niet aan toe. En dit is niet de eerste keer. Waarom zou de wethouder nog aanblijven als elk gezag weg is. Je merkte dat twee weken geleden ook bij de discussie over de evenementensector, maar je merkt dat ook tijdens het rond-de-tafelgesprek bij De Productie. Als je hoort hoe de mensen van het management en de interim manager over hem praten is daar geen enkel gezag meer. Dan kun je niet meer functioneren als wethouder.”

Brug te ver

Toch mocht (een op het laatst met een ietwat trillende stem sprekende) Van Loevezijn blijven. De kritiek was dan wel niet mals, maar een motie van wantrouwen was de coalitie een brug te ver. Een motie van afkeuring, ingediend door de coalitie, haalde het wel. Met steun van de hele raad. Van der Wilt: “Dit had een rode kaart moeten zijn, maar liever een gele dan niks…”