Home / Algemeen / Pop-up restaurant Bennies bij IJsselcentrale valt in de smaak
.

Pop-up restaurant Bennies bij IJsselcentrale valt in de smaak

Wijhese neven Seb Dokman en Glenn Mosterd stampten horecagelegenheid in maand tijd uit de grond

ZWOLLE – Een stukje vrijgevochten Berlijn bij de IJsselcentrale; dat is wat de van oorsprong Wijhese neven Seb Dokman en Glenn Mosterd brengen met hun pop-up restaurant Bennies. In de industriële sfeer van de IJsselcentrale in Harculo bij Zwolle exploiteren ze sinds half juni hun eigen horecagelegenheid. Een koepelloods onder een afdak van het gebouw vormt het centrale punt. Met daaromheen allerlei soorten stoelen en tafels van de kringloop, zelf gebouwde meubelstukken en een terras in het gras. Alles aangekleed met doeken en allerlei geïmproviseerde decoraties. Volgens de twee is Bennies nu al een succes. “In het weekend is het hier doorgaans afgeladen.”

Het is die donderdagmiddag een beetje een familiegebeuren. Sebs broer Paul (waarmee hij de kern van de rockband Paceshifters vormt) zit op het terras met zijn zoontje. Hun moeder helpt mee achter de balie. “Hier, ga daar maar zitten”, zegt Seb. “Dat is de stoel van de opa van mijn opa: opa Mosterd. Een juweeltje; iedereen wil hem kopen.” Op de achtergrond klinkt loungemuziek en soul. Ondertussen wordt er hard gewerkt in de keuken. Seb moet eerst nog een paar broodjes afmaken.
Het pop-up restaurant is gekoppeld aan de IJsselbiënnale. Ook de IJsselcentrale doet namelijk dienst als expositieruimte en de gemeente Zwolle ging een tijd geleden dan ook op zoek naar een partij die er gedurende de manifestatie een pop-up horecalocatie wilde exploiteren. Dat kwam ook Seb en Glenn ter ore. Zij raakten enthousiast. Want horecaplannen waren er al. “Mijn broer Nick wil samen met Rowan, een vriendin van hem, een hostel beginnen in het oude politiebureau aan de Luttekestraat in Zwolle”, vertelt Seb. “Dat zal De Basis gaan heten. Glenn en ik willen er dan op de begane grond een restaurantruimte openen. We hopen volgend jaar juni te kunnen beginnen, maar dat hangt allemaal nog. Toen we hoorden dat de gemeente Zwolle een horecapartij wilde, zagen we daar wel wat in. Een soort proeftuin alvast. We hebben dus een voorstel gedaan.” Maar volgens de twee haalde dat voorstel het, ondanks enthousiasme bij de IJsselbiënnale, de eerste keer niet. “Ze wilden verder met andere partijen. Maar die haakten na verloop van tijd af. Toen werden wij weer benaderd. Dat was vier weken voor de opening op 18 juni… De horecavergunning moest toen nog worden aangevraagd.”
Het werd, zo stellen de twee, dus improviseren. Uit alle hoeken en gaten haalden ze meubilair. En ook zelf sloegen ze aan het timmeren. Glenn is namelijk meubelmaker en Seb hielp hem in de afgelopen jaren, en zeker vorig jaar, aangezien hij door de coronamaatregelen niet kan optreden met Paceshifters, vaak mee. Glenn: “We hadden natuurlijk weinig tijd, maar we gingen ook echt voor een rauw sfeertje hier. Niet te gelikt. We hebben de boel niet uitgetekend, maar zijn gewoon vanuit de basis, de koepelloods, aan de slag gegaan.” Seb: “Je hebt hier een grote ruimte, dus je moet intimiteit creëren. Maar verder is de aankleding meer iets dat uit ons is gerold, dan dat we erover hebben nagedacht.”

Goed en puur

Qua eten hebben ze het simpel gehouden. Pitabroodjes vormen min of meer de basis van de kaart. Met dan uiteraard allerlei soorten ‘vulling’. Van falafel tot souvlaki. Glenn: “We gaan voor goed en puur eten. Alles maken we zelf, niet alleen het deeg, de broodjes, maar ook de rode kool en de sausjes. De kaart mag dan klein zijn, maar we moeten er heel veel handelingen voor verrichten. Elke ochtend dat we geopend zijn, beginnen we om negen uur. Anders redden we het niet.” Seb: “Het is nu veertien, vijftien uur per dag werken. Inmiddels zijn we bezig om enkele keukenmensen in te werken, zodat we zo meteen zelf ook een keer vrij kunnen nemen. Want het is druk. Het broertje van Glenn wilde hier een keer een ochtend meehelpen. Uiteindelijk is hij de hele dag aan het lopen geweest met bier en fris. Het was niet aan te slepen.”

Hip volk

Doordeweeks zij het veelal bezoekers van de IJsselbiënnale die Bennies bezoeken, vertellen ze. Vaak wat oudere mensen, maar in het weekend zit het er bomvol met, zoals de twee het omschrijven, ‘hip volk’. Glenn: “Een beetje de leeftijdscategorie tussen de 25 en 30 jaar. Ze vinden het eten lekker en de sfeer relaxed.” Seb: “We horen vaak dat zoiets als Bennies er nog niet is in Zwolle. Dat houtje-touwtje gevoel met een industriële vibe, dat je ook in Berlijn vaak ziet. We lopen alleen maar te ouwehoeren op Instagram, maar daar loopt Bennies ook heel goed. We krijgen ontzettend veel reacties. Kijk, we hebben nu een playlist op staan met loungemuziek en soul, maar het moge duidelijk zijn dat we ook van alternatieve muziek houden. We willen straks ook livemuziek hier. Akoestisch, dat wel, in verband met de vergunning.”
En die naam? Bennies? De twee beginnen te lachen. Seb: “Dat komt een beetje uit de meubelmakerij van Glenn. Als ik daar hielp was het vaak van: ‘Hé Bennie, doe die hamer eens even’.” Glenn: “Dat werd op een gegeven moment een dingetje.” Seb (wijzend naar broer Paul): “Hij hielp ook vaak mee bij Glenn. Met ons drieën zijn we de Bennies.”

Bennies is van dinsdag tot en met zondag geopend van 10.00 tot 23.00 uur; de keuken van 12.00 tot 20.00 uur.

Kader met raster: Geen einde
Seb benadrukt dat al zijn horeca-activiteiten niet het einde zullen betekenen van Paceshifters. “Nee, het komt juist allemaal heel goed uit. 18 september gaan we dicht en daarna begint de nieuwe tour. En het lukt ook wel om wekelijks een avond te repeteren.”

Lees ook

Sportcentrum Tijenraan nieuwe locatie voor SportBSO InOranje

RAALTE – Na de herfstvakantie start SportBSO InOranje met een extra locatie in Sportcentrum Tijenraan. …

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.