Home / Sallandcentraal / Tien verbeterpunten aangaande zonneparkprocedures

Tien verbeterpunten aangaande zonneparkprocedures

Evaluatie Raalter beleid door onderzoeksbureau ROM3D zorgt voor de nodige aanbevelingen

RAALTE – De evaluatie van het Raalter beleid omtrent de vergunningsprocedure voor zonneparken in de gemeente heeft de nodige verbeterpunten opgeleverd. Tien in totaal. Het Raalter college wil er acht overnemen (twee dus niet, zie kader). Het onderzoek is uitgevoerd door het bureau ROM3D op verzoek van de gemeente. Het bureau onderzocht de gang van zaken bij drie projecten: het zonnepark aan de Kanaaldijk-Zuid in Heino (waarvoor de vergunning inmiddels is verleend); het zonnepark aan de Nijverdalseweg van Energiecoöperatie Endona (waarvoor uiteindelijk geen vergunning werd aangevraagd) en het zonnepark aan de Wijheseweg (waarvoor de vergunning inmiddels is verleend).

De aanbevelingen zijn verdeeld over meerdere onderwerpen. Ten eerste de dialoog met de omgeving; de omvang van de plannen en de inpassing in de omgeving; lokaal eigenaarschap; de maatschappelijke meerwaarde; de randvoorwaarden en het proces.
ROM3D is kritisch over de communicatie met de omwonenden. “Uit ervaringen van zowel initiatiefnemers, omwonenden als ambtenaren komt naar voren dat een dialoog geen vanzelfsprekendheid is”, zo schrijft het bureau. De eisen waaraan het communicatietraject van projectontwikkelaars/initiatiefnemers moet voldoen, dienen volgens het bureau beter vast te worden gelegd.
Daarnaast stelt ROM3D dat zowel ambtenaren als omwonenden tijdsdruk hebben ervaren vanwege de SDE-(subsidie)ronde die de initiatiefnemers wilden halen. Het bureau concludeert dan ook dat de druk van deze subsidierondes minder zwaar zou moeten meespelen. “Deze tijdsdruk heeft ertoe geleid dat vergunningen in behandeling zijn genomen terwijl de dialoog nog bezig was. Dit is van invloed op het vertrouwen van omwonenden in een zorgvuldig afweging door de gemeente.”
De eerste aanbeveling is dan ook dat de initiatiefnemers pas met een dialoog met de omgeving te laten starten als de gemeente akkoord is met het participatie/communicatieplan. Het opstellen van een draaiboek zou een manier kunnen zijn om de kwaliteit van de dialoog te borgen. Ten tweede adviseert ROM3D de gemeente om actiever betrokken te zijn bij het overleg tussen de initiatiefnemers en de omwonenden. Ten derde beveelt ROM3D aan om een ontwerp-omgevingsvergunning voor een zonnepark pas in behandeling te nemen als de dialoog in een vergevorderd stadium is. Daarbij zou er dan al duidelijkheid moeten zijn over hoe (een deel van) het zonnepark in mede-eigenaarschap komt; de maatschappelijke meerwaarde van het plan en hoe het zonnepark in de omgeving word ingepast en hoe dat samen met de omwonenden wordt vormgegeven. Hierdoor vermindert volgens ROM3D de druk op ambtenaren om vanwege SDE-rondes haast te maken.

Locatiescan

Wat betreft het uitgangspunt aangaande de omvang en de inpassing in de omgeving beveelt het bureau aan om de initiatiefnemers pas een dialoog met de omgeving te laten beginnen als bekeken is of de beoogde locatie überhaupt toegestaan is op basis van gemeentelijk en provinciaal beleid, maar ook op aspecten zoals infrastructurele plannen, kansen voor landschap en ecologie en andere ontwikkelingen die spelen in het gebied. Dat voorkomt onrust (zoals eerder bij de plannen voor de Nijverdalseweg). Verder stelt ROM3D dat kavelruil een mogelijk middel is om zonneparken gunstig te situeren.
Het uitgangspunt dat een aanzienlijk deel van de (energie)productie in eigendom dient te komen van de lokale omgeving is volgens het onderzoeksbureau niet duidelijk genoeg. “In de huidige richtlijnen wordt gesproken over een ambitie ten aanzien van 50% van de productie in eigendom van de lokale omgeving waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen delen in de opbrengsten en mede-eigenaarschap. Zowel ambtenaren als initiatiefnemers zien graag dat de richtlijnen meer duidelijkheid geven over wat de gemeente Raalte van belang vindt ten aanzien van eigendom van de lokale omgeving.” Bovendien waarschuwt het onderzoeksbureau dat het risico bestaat dat gemeentelijke eisen op het gebied van lokaal eigendom, maatschappelijke meerwaarde en dialoog met de omgeving voor de rechter geen standhouden.

Ondersteuning

ROM3D beveelt dan ook aan om beter vast te leggen wat er bedoeld wordt met dit uitgangspunt. Het bureau adviseert om alleen mede-eigenaarschap vast te leggen als eis. Verder beveelt het bureau aan om te onderzoeken of de lokale partijen die mede-eigenaarschap kunnen invullen (zoals Endona) voldoende zijn toegerust op hun rol. “Energiecoöperaties zijn doorgaans organisaties waar medewerkers op vrijwillige basis werken. Dit brengt met zich mee dat er beperkte capaciteit en kennis beschikbaar is. Indien besloten wordt om een eis van 50% mede-eigenaarschap in de richtlijnen op te nemen lijkt het verstandig om te bezien of de lokale coöperatie(s) voldoende capaciteit en kennis in huis hebben om dit waar te maken. Ondersteunen van deze partij(en) is mogelijk gewenst.”
Aangaande het uitgangspunt Maatschappelijke meerwaarde concludeert ROM3D dat uit de ervaringen van ambtenaren naar voren komt dat dat uitgangspunt gedeeltelijk overlapt met het uitgangspunt om een aanzienlijk deel van de productie in lokaal eigendom te brengen. Daardoor is het voor ambtenaren lastig om te toetsen of aan de richtlijnen wordt voldaan. Het bureau adviseert dan ook om de eisen beter te specificeren.
Ook het basisuitgangspunt ‘Randvoorwaarden’ zorgt voor vragen. ROM3D beveelt aan om de tijdelijkheid van de zonneparken (maximaal 25 jaar) specifieker uit te werken. Is dat bijvoorbeeld inclusief of exclusief afbraak? Tenslotte adviseert het bureau om het hele proces in de richtlijnen verder aan te scherpen.

Kader met raster: Twee aanbevelingen niet

Het college van B&W stelt de raad voor om twee aanbevelingen niet over te nemen: de inzet van kavelruil en het voorkomen van onduidelijkheid en vrijblijvendheid ten aanzien van de maatschappelijke meerwaarde. Het college ziet kavelruil niet als een taak van de gemeente, maar wel als een mogelijke optie, waarvoor de verantwoordelijkheid bij de ontwikkelaar moet komen te liggen. Ten aanzien van de tweede aanbeveling is het college van mening dat er genoeg duidelijkheid is in de gemeentelijke richtlijnen. “Hoe meer we de maatschappelijke meerwaarde kwantificeren, hoe minder ruimte er overblijft om per initiatief te zoeken naar maatwerk en het aansluiten bij gebieds-specifieke opgaven.”

Foto: Pixabay

Lees ook

Carolien Jonkman: Het ideale ziekenhuis

Ik loop door de prachtige tuin met bomen en planten richting het ziekenhuis. In de …

One comment

  1. Dit is een voor het gemeentebestuur van Raalte vernietigend rapport. Het toont in niet mis te verstane woorden aan dat dit bestuur het, vooral wat participatie en overleg met betrokken inwoners betreft, op bijna alle punten heeft laten afweten.
    Eigenlijk niets nieuws dus.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.