Home / archiefcentraal / als ze vroeger kraanmachines hadden had het platteland er wel anders uitgezien

als ze vroeger kraanmachines hadden had het platteland er wel anders uitgezien

Harm Janssens (50) was tot 2014 boer in Noord-Groningen. Hij verwachtte een slechte toekomst van de melkveehouderij, verkocht de boerderij en streek op het Bouwhuis in Lettele neer. Daar heeft hij samen met Henriette een galerie van actuele kunst, vergaderlocatie en groentebedrijf. Harm was actief in de politiek en het boerenbestuur en heeft van daaruit een eigen visie ontwikkeld op de landbouw in Nederland. Harm beschouwt het platteland in een reeks artikelen. Vandaag deel 1.

Denkend aan Holland zie ik… enzovoort. U kent het loflied van Marsman vast wel, of in ieder geval de eerste zin. Iedere dag zijn er grote groepen mensen die genieten van het Nederlandse landschap in al zijn verscheidenheid.

Eigenlijk kun je nauwelijks spreken van een Nederlands landschap. Het Noord-Groningse wierdenlandschap, het veenweide-gebied, de Limburgse heuvels. Ze verschillen dag en nacht van elkaar. Behalve dan op één punt. Ze zijn allemaal door de mens gevormd.

In het begin van onze jaartelling beschreef de Romein Plinius al hoe de Groningers wierden bouwden om droge voeten te houden. In de loop van de eeuwen zijn Nederlanders altijd druk in de weer geweest met het landschap. Ze legden wierden en dijken aan, ze groeven sloten en kanalen en ga zo maar door. Ze deden het alleen nooit omdat ze het landschap dan mooier vonden, de veranderingen hadden altijd een praktisch nut. Ze deden het om voedsel te verbouwen, om water af te voeren of om producten te vervoeren.

Het is goed je te realiseren dat de veranderingen die de Nederlanders aanbrachten in het landschap meer afhankelijk waren van hun technische mogelijkheden dan van ambitie. Als de Groningers uit de tijd van Plinius de beschikking zouden hebben gehad over kranen en vrachtauto’s hadden ze vast geen wierden aangelegd maar hadden ze direct de Ommelanderzeedijk gebouwd. En tegenwoordig zou niemand meer op het idee komen om in Zuidelijk Flevoland wierden te bouwen.

Naarmate de techniek vorderde kregen wij meer mogelijkheden om het landschap onze wil op te leggen. Vaak heeft dat veel goeds gebracht, zoals de zeedijken en soms ging het mis. Zoals op de zandverstuivingen die ontstonden omdat de boeren de, toch al arme, grond te intensief bewerkten.

In de loop van de tijd is het Nederlandse landschap dus voortdurend veranderd. De laatste vijftig jaar zelfs zeer drastisch. De vraag is of dat erg is. Misschien wel. Er is veel moois en waardevols verdwenen. Aan de andere kant, er is ook veel voor terug gekomen. Toen ik nog in de gemeenteraad van Loppersum zat kwam daar het Landschap Ontwikkelingsplan aan de orde. In dit plan was het landschap van rond 1750 als uitgangspunt genomen. Niemand kon mij vertellen waarom. Was het toen mooier, beter. Niemand die het wist en toch werd dit landschap geïdealiseerd. Daar moesten we naar toe.

Mijn stelling is: de tijden veranderen, wij veranderen en dus ook het landschap. Maar weet wat je weggooit voordat je het weggooit!

Harm Janssens

Lees ook

Natuurmomenten: Het verborgen meer

Sjaak Bruggeman deelt met enige regelmaat zijn natuurmomenten met ons. En altijd is er wel …

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.