over hommels en strabante poortwachters

De torenvalk op het erf heeft vijf pasgeboren jongen.

Verderop is het steenuilenvrouwtje spoorloos verdwenen. Na de aflossing met het mannetje is ze niet meer teruggekomen in de kast. Misschien is ze verongelukt of gepredeerd door een bosuil. De vier eieren stonden op uitkomen. Het mannetje heeft nog een muis gebracht en hoe hij ook roept, het is tevergeefs. Er komt geen antwoord.

De waarnemingen van ijsvogeltjes bij de vijver doet me besluiten om de laarzen eens aan te trekken. En waarachtig zit in de steile oever de opening van de bijna 100 cm lange gang naar het nest. Iets erboven word het gazon nog gewoon gemaaid. De vijver staat in verbinding met de watergang en het gemaal zorgt er wel voor dat er aan verse vis geen gebrek is.

Ik ben nog steeds op hetzelfde erf en zie dat een van de nestkasten is gekraakt door boomhommels. Ze hebben een rossig borststuk en een witte kontje. Hommels zijn niet alleen nuttige bestuivers, het zijn ook zeer zachtaardige dieren…

Dat zou je zo niet zeggen want bij de ingang liggen acht strabante poortwachters op de loer.

Meer foto's