Home / archiefcentraal / opinie recht van spreken over vluchtelingen

opinie recht van spreken over vluchtelingen

‘Opnieuw bieden inwoners en bedrijven hulp aan bij de tweede kortdurende opvang van vluchtelingen uit Syrië’, signaleerde burgemeester Ton Strien bij de verwelkoming van 184 nieuwe vluchtelingen in de gemeente Olst-Wijhe. ‘Ik vind dat hartverwarmend’, voegde hij eraan toe. Op precies hetzelfde moment brak zijn Raalter collega Martijn Dadema een lans voor een positieve instelling ten opzichte van de plannen voor het nieuwe asielzoekerscentrum in Raalte. Hij deed dat nota bene tijdens een herdenking van de Krisstalnacht (1938) in het Annahuis, waar het fonkelnieuwe boek ‘Gebroken Joods leven in Raalte’ gepresenteerd werd. Goed voorbeeld doet goed volgen, dacht ik bij de uitlatingen van beide burgemeesters.

Kortgeleden had ik enkele gedachten op papier gezet naar aanleiding van het Bijbelverhaal over de zwervende aartsvader Abraham, die als vreemdeling verblijft in het land van koning Abimelech. Aan die overweging had ik als titel meegegeven ‘Goede buren, wie zijn dat?’ De taal waarin dit Bijbelverhaal is geschreven speelt met het woord ‘buren’. De verhouding tussen mij en mijn buren wordt met slechts één letter verschil aangeduid. Beiden komen we van dezelfde woordstam ‘wonen’. De één zus, de ander zo. Maar wonen doen we alle twee, ik en mijn buurman/vrouw. Taalkundig zijn we verplicht elkaar het wonen mogelijk te maken.

In het verhaal over de zwervende Abraham die neerstrijkt in het land van Abimelech is het niet anders. Het ongemak elkaars omgangsvormen niet te kennen levert danige irritaties op. Als het uit de hand dreigt te lopen, worden de problemen – in de vorm van verwijten – bij name genoemd. Net op tijd zien beide partijen in dat er bij de ander géén kwade opzet in het spel is, maar gebrek aan kennis van elkaars gewoonten.
Tussen de regels van het verhaal door voel je wantrouwen en angst. Abimelech neemt op een gegeven moment zelfs zijn legeraanvoerder mee om de zaken te regelen. Toch zoeken beide partijen naar compromissen. Gaandeweg vinden ze een oplossing voor de gerezen problemen en maken er afspraken over. Ze sluiten een contract, een bontgenootschap. Zo gaat het, en zo doe je dat, is de moraal van het verhaal.

Ook wij, drie millennia later, hebben geen pasklare antwoorden op de vluchtelingenstroom uit Syrië, Afghanistan en Afrika. Afgezien van het politieke getouwtrek in Den Haag en de andere Europese en Turkse machtscentra, lopen ook wij op tegen misverstanden en vooroordelen. We kunnen die gebruiken als argumenten om de concreet in ons land verkerende vluchtelingen tegen te houden en terug te sturen met alle gevolgen van dien. Maar als ik het verhaal over Abraham en Abimelech goed begrijp zouden we misverstanden en vooroordelen niet moeten gebruiken als argumenten om onze nieuwe buren buiten de deur te houden, maar om met ze in gesprek te komen. Wellicht kunnen zij ons wantrouwen wegnemen, onze zorgen en angsten! Maar ja, of zij dat kunnen, weten we pas nádat we het gesprek met hen hebben gezocht en gevoerd. Zolang tegenstanders van het asielbeleid niet zélf met vluchtelingen gesproken hebben over hun angsten en zorgen, verspelen ze hun recht van spreken. Althans spreken ze vóór hun beurt!

Reinier Gosker
(predikant te Wesepe)

Lees ook

Vroeger in Salland: De onthulling van het oorlogsmonument

Het Weekblad voor Salland presenteert in samenwerking met de Historische Vereniging Raalte en omstreken de …

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.