Home / archiefcentraal / oogstgave 2014 gezinslandbouw in congo

oogstgave 2014 gezinslandbouw in congo

De oogstgave van Stöppelhaene 2014 gaat naar het project Mooto in Congo. Met de opbrengst van de oogstgave wordt zaai- en pootgoed aangekocht ten behoeve van de plantages. Onmisbaar – voor zowel de teelt, de oogst als voor de verwerking- zijn gieters, spaden, hakmessen, stootkarren,oliepersen, ketels, vaten en fermentatiebakken.

Congo, het reusachtige land in het hart van Afrika, kent een weerbarstige geschiedenis, waarin koloniale overheersing, geweld, chaos, oorlogen, armoede en ziekten het voorland vormden van de huidige 70 miljoen inwoners. Anno 2014 gloeit het verleden nog na; rebellie en corruptie woekeren in dit land met rijke bodemschatten.

Toch is er hoop. Het vredesakkoord, de nieuwe overgangsregering van Joseph Kabila èn de overlevingsdrang van de plaatselijke bevolking. In de regio Bikoro bijvoorbeeld, in het uiterste westen van Congo, begint het leven te bruisen.

Met hulp van buitenaf is in 2010 het ‘ontwikkelingsproject Mooto’ opnieuw opgestart. De paters Lazaristen vormen samen met onder andere VZW Mooto&Bikoro vanuit het Belgische Retie één van de partners van het ontwikkelingsproject. Een broer van Klaas Vonk uit Raalte werkte in het verleden als pater onder de bevolking van het evenaarswoud. Het landbouwproject in Congo en de oogstgave tijdens Stöppelhaene vormen op deze wijze een prachtige match.

Het gezinslandbouwproject strekt zich uit over 10 dorpen van elk 200 families. Van oudsher is hier sprake van overlevingslandbouw, waarbij maïs en maniok als basisvoedsel gelden en waar telkens bossen gekapt en verbrand werden. De opbrengsten waren laag , het voedsel erg eenzijdig, de toegang tot onderwijs en gezondheidszorg onbereikbaar. Het arme, kwetsbare volk overleefde. In 2010 kwam uiteindelijk de kentering met hulp van buiten.

Het inmiddels opgestarte landbouwproject zal de verwaarloosde en deels vernielde cacaoplantages cultiveren, door meerdere planten tegelijkertijd en afwisselend te verbouwen. Cacao, palmolie, bonen, maïs en maniok geven variatie in het voedsel; de noodzaak om bosgebieden af te branden verdwijnt. Het opkweken, de verspreiding van zaad- en pootgoed , maar ook het vervoer en de verwerking van de oogst wordt gemeenschappelijk aangepakt. Palmnoten worden centraal geperst tot olie en geconserveerd; ook de cacaoteelt , de verwerking en de export ervan verlopen op dezelfde wijze. Palmolie wordt op de lokale markt verkocht, cacao geëxporteerd. Met dit meerjaren project wordt het inkomen van de boer versterkt, waardoor het mogelijk is om de kinderen naar school te laten gaan;toegang tot de gezondheidszorg is nu mogelijk. Bestaanszekerheid, in de breedste zin van het woord, ligt in het verschiet.

Hoe aangrijpend en veel belovend het verslag van ontwikkelingswerker Rik Raeymaekers bij terugkomst van zijn werkbezoek in Mooto. Enthousiast verhaalde hij van de gedrevenheid van de bevolking en het geloof in zichzelf èn in de toekomst. Met ondersteuning van buiten af groeit het volk uit tot een zelfredzame en gezonde gemeenschap in het verre Congo.

De oogstgave 2014 kan hieraan een mooi steentje bijdragen.

Lees ook

Blog Aaltje Booijink-Jonkman: Wees zuinig met energie!

Ken je de kreet nog? In de jaren 70 werd opgeroepen om verstandig en zuinig …

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.