het concept van de brede school in beeld

“In veel andere westerse landen is dat een tendens die al veel langer aan de gang is. Daar werkt het onderwijs al veel langer samen met de kinderopvang en de peuterspeelzalen. In Scandinavië worden al heel lang dagarrangementen aangeboden. Wat Nederland betreft, zijn we op dat gebied bezig met een inhaalslag.” Wat de gevolgen van het nieuwe kabinetsbesluit om te korten op de bijdrage voor kinderdagopvang zijn, weet Zijderveld niet. “Maar we gaan ervanuit dat de behoefte ook in de komende jaren alleen maar zal groeien.”

Het brede schoolconcept is inmiddels bijna net zo ongrijpbaar als het Kulturhusconcept. De SCOS hanteert de volgende definitie: ‘Samenwerking van basisscholen met andere partners die zich bezig houden met de opvoeding en opvang van kinderen.’ Dat kunnen peuterspeelzalen zijn, maar ook BSO’s. Partners op het gebied van gezondheidszorg voor de jeugd zijn eventueel ook mogelijk, maar vormen geen prioriteit. Zijderveld: “Het gaat erom dat je elkaar kunt vinden in een gedeelde visie over de opvoeding van het kind. Daarin kun je elkaar versterken. Als een kind wat voorloopt op de rest van zijn leeftijdsgroep is het gemakkelijk om het even mee te laten draaien in een hogere groep, andersom geldt dat ook voor kinderen die het wat lastiger hebben. Kostentechnisch scheelt het verder niet zoveel.” Arjan Ter Avest, directeur van Stichting Koos, vult aan: “We zijn samen met de basisscholen en Stichting Peuterspeelzalen Raalte allemaal partners. De winst zit ‘m in de korte duidelijke lijnen in de voortgaande ontwikkeling van de kinderen.”

Een brede school betekent overigens lang niet in alle gevallen één gemeenschappelijk dak voor alle deelnemers. Zijderveld: “Het werkt wel beter als alle gebruikers dichtbij elkaar zijn gevestigd. Dat is voor de ouders wel net zo overzichtelijk. Wij zijn van mening dat campusvorming wel een goed alternatief is, maar goed, daarvoor moet je wel het budget hebben.”

Zijderveld benadrukt dat in een brede school alle gebruikers hun eigen identiteit behouden. De Dolfijn is een katholieke Daltonschool; de Gouden Emmer is Protestants Christelijk. “In Heino komen ze dan wel onder één dak, maar zie het maar als de bewoners van een twee-onder-een-kapwoning. Je komt elkaar tegen op de oprit en je kunt in veel zaken samen optrekken, maar elk huishouden behoudt zijn eigen identiteit. Het is bijvoorbeeld mogelijk dat we de pauzetijden zo invullen dat de kinderen van de beide scholen op verschillende tijden pauzes hebben.” Hij benadrukt dan ook dat een brede school niet gelijk staat aan grootschaligheid. “Daar zijn we als SCOS ook geen voorstander van. We zijn bijvoorbeeld bang dat als Raalte-Noord op termijn geen nieuwe basisschool krijgt, het leerlingenaantal van de Linderte kan groeien tot zeshonderd. Dat moeten we met elkaar niet willen. Onze scholen hebben een gemiddelde grootte van circa tweehonderd leerlingen. Dat is ook zo’n beetje de Sallandse maat.“