Home / archiefcentraal / ondersteboven van de autocross

ondersteboven van de autocross

De MAC Haarle houdt op zaterdag 24 april een autocrosswedstrijd op het terrein van de familie Bentert aan de Molenweg 22 in Haarle. De races tellen mee voor het Nederlands Kampioenschap. De MAC (Motor en Automobiel Club) Haarle hoopt op veel bezoekers, want: “Deze sport verdient beter!”

De club werd in 1970 opgericht door Johan Arfman en Herman Bruggeman. In ’73 verkreeg de club officiële ‘Koninklijke’ goedkeuring. Momenteel heeft MAC Haarle circa 75 leden. “Vroeger waren er hier in de buurt wel tien autocrossclubs”, vertellen Joop Cents en Rieky Schotman, respectievelijk voorzitter en bestuurslid van de club. “Maar in de loop der jaren is de animo voor de sport teruggelopen vanwege de hoge kosten. Die clubs zijn allemaal verdwenen. Veel van de overblijvers hebben zich bij ons aangesloten. Onze leden komen dan ook uit de wijde regio. Haarle, Broekland, Elshof, Markelo, Hellendoorn, noem het maar op!” De club heeft in de loop der jaren enkele kampioenen voortgebracht. Willem Snijder en Willemien Cents-Nijenkamp werden beide Nederlands Kampioen en Björn Wichers Schreur won de Europokal (een bokaal voor de Benelux).

Van de 75 leden zijn er 21 ook daadwerkelijk coureur. Verdere activiteiten zijn er nauwelijks. Trainingen kennen ze niet echt in de autocrosswereld. Per jaar worden er enkele zogenaamde ‘jappelcrossen’ gehouden. Gewoon semi-legaal gas geven op boerenland dat door enthousiastelingen ter beschikking wordt gesteld.

Het is de vierde keer dat de vereniging een ronde van het NK autocross mag organiseren. “Elk jaar tellen er zes crosses mee voor het NK”, vertelt Joop. “Vier à vijf op kleigrond en één à twee op grasland. Bij ons rijden de coureurs op grasland. Wat het verschil is? Grasland is veel hobbeliger.” Peter Cents, Joops zoon, zelf ook coureur, vult aan: “Op grasland krijg je echt beste klappen! Het is natuurlijk een stukje prestige dat we dit mogen organiseren. Verder hopen we ook dat we wat geld verdienen. Het is jammer dat de autocross hier niet zoveel bezoekers trekt, daarom hebben we er dit jaar ook voor gekozen om meer de publiciteit te zoeken. Deze sport verdient een groter publiek.”

Peter rijdt al sinds zijn 18e. “Ik kom uit een echte crossfamilie”, lacht hij. “Samen met mijn broer Harry ‘Flavio’ Cents heb ik een sprinter aangeschaft! Ja, dat kost veel geld. We moeten er veel voor opzij zetten.” “In het begin was ik er helemaal niet zo blij mee dat Peter en Harry ook gingen crossen”, gaat Joop verder. “In de tijd dat ik nog racete, had je aan tweeduizend gulden per jaar genoeg. Daar red je het allang niet meer mee. Het is een erg dure sport!”

Peter rijdt al sinds zijn 18e. “Ik kom uit een echte crossfamilie”, lacht hij. “Samen met mijn broer Harry ‘Flavio’ Cents heb ik een sprinter aangeschaft! Ja, dat kost veel geld. We moeten er veel voor opzij zetten.” “In het begin was ik er helemaal niet zo blij mee dat Peter en Harry ook gingen crossen”, gaat Joop verder. “In de tijd dat ik nog racete, had je aan tweeduizend gulden per jaar genoeg. Daar red je het allang niet meer mee. Het is een erg dure sport!”

De organisatie van een dergelijke wedstrijd brengt steeds meer werk met zich mee, signaleert Cents. “Vroeger ging het allemaal wat gemakkelijker, maar de regelgeving is veel strenger geworden. Veel van de teams arriveren al op vrijdagavond. Dan moeten wij voor twee EHBO-ers zorgen. Dat hoefde vroeger echt niet. En bij de race moeten twee ambulances aanwezig zijn. Vroeger had je er aan eentje genoeg. En je moet natuurlijk verkeersregelaars inhuren. Kijk, en zo wordt de sport veel duurder.” De sport is volgens Cents trouwens helemaal niet zo gevaarlijk. “In al die jaren dat we crossen, hebben we maar één keer een ambulance nodig gehad. Een coureur die wat met zijn arm had.”

Dat wil overigens niet zeggen dat sport geheel zonder risico is. Joop en Peter zijn tijdens hun crosscarrière meerdere keren over de kop gevlogen. Peter: “Het is natuurlijk ook een beetje spanning en sensatie. Ik weet nog een race in Sint Lenaarts in België. Een prachtige baan. Ik vloog over een heuvel en toen ik neerkwam, werd ik achterop geraakt door een andere auto. Het ging zo hard dat ik de zandbulten invloog en even een klein beetje steile wandracer was. Daarna vloog ik over de kop! Maar als dat allemaal net goed gaat en je daarna ook niet al teveel schade hebt, dan is dat een enorme kick!” “Maar soms ook wel een beetje beangstigend”, voegt Joop toe. “Geloof me, als je ondersteboven in je rijderstoel hangt, dan krijg je echt niet zo gemakkelijk je gordels af. Je hangt er met zoveel gewicht in dat het knopje van de gordel blokkeert.” Maar de mooie herinneringen aan zijn actieve racecarrière voeren natuurlijk de bovenhand. “In al die jaren dat ik geracet heb, heb ik maar één wedstrijd gewonnen. Het was bij een jappelcross in Raalte. Vlak voor de finish reed ik mijn grote rivaal voorbij. Helemaal geweldig!”

De races op zaterdag 24 april beginnen om 9.30 uur en gaan door tot circa 19.00 uur. De organisatie verwacht circa tweehonderd deelnemende coureurs. Zij verschijnen aan de start in zeven klasses: junior, standaard, toerwagen, kevers (tot 1600 cc), sprinters (tot 1600 cc), de twee literklasse en de superklasse. Elke manche bestaat uit vijf rondjes van vijfhonderd meter. De entree bedraagt 10 euro (jeugd tot en met 16 jaar 3 euro). Consumpties zijn ter plaatse verkrijgbaar. Meer informatie op www.machaarle.nl.

Lees ook

Carolien Jonkman: Luisteren

Steeds meer mensen luisteren naar zichzelf en zijn zich bewust van wat er in hun …

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.