marcel van de kamp mee met le dakar

“Op het moment dat je die vrachtwagen instapt, stap je een film binnen. En die is eigenlijk pas afgelopen als de rally ten einde is. Het is geweldig!” Marcel van de Kamp uit Heino gaat als monteur van het rallyteam Autotrack/Van Deijne mee naar ‘Le Dakar’ en heeft er zin in. Overigens komt er deze keer geen ‘Dakar’ te pas aan de rally. Deze wordt namelijk van 3 tot en met 18 januari 2009 verreden in Zuid Amerika. Dit in verband met de terroristische dreiging in Afrika. “Het maakt me eigenlijk weinig uit. Zuid Amerika lijkt me ook heel mooi, maar toch hoop ik wel dat ik de rally ooit nog echt in Afrika mag meemaken.”

Vorig jaar zou Marcel (41), getrouwd met Silvia en vader van twee kinderen, voor het eerst in zijn leven als monteur meegaan met de Rally. De vrachtwagens en auto’s van zijn team stonden al klaar in Lissabon toen ineens de organisatie de rally cancelde. De reden: Serieuze terroristische dreiging. “Het ging vooral om Mauritanië. Eerst zouden we nog beveiligd worden door het leger, maar toen die dat op het laatst toch weigerde, moest de organisatie wel de handdoek in de ring gooien. Het was een hééle, hééle zure appel. Maar het gekke is wel dat ik geen moment ‘slecht te pas’ ben geweest. Ik heb gezien wat de organisatie aan rechtstreekse bedreigingen binnen heeft gekregen en dat loog er niet om. De beslissing was écht gegrond.”

Marcel is zijn hele leven al in de ban van rally’s en de techniek. Hij heeft jarenlang gewerkt als automonteur. Maar zijn eerste liefde is de motor. “Ik heb in mijn leven twee keer, in 1993 en in 2000, een motortocht gemaakt door de Sahara. De eerste keer met een aantal collega’s, de tweede keer met mijn broertje en een kameraad. Dat was telkens een groot avontuur. De Sahara is zo onvoorspelbaar, je rijdt honderden kilometers over een redelijk goed traject en dan ineens moet je over kilometers aan kleine hobbels. Je stuitert alle kanten op. Kleren van mij vielen uit elkaar. Ik had malariapillen bij me en daar was alleen maar poeder van over. Het was heel ongezond, maar wel een enorme kick.”

Vorig jaar sprak hij bij de TT in Assen een kennis die betrokken was bij het Van Deijne team. “Hij vroeg me of ik niet mee wilde als monteur. Daar hoefde ik niet lang over na te denken. Het was een droom, echt geweldig!”

De vertraging leverde hem in elk geval extra trainingstijd op. “Het technische aspect hebben we getraind door gewoon samen met elkaar aan de slag te gaan. Van sleutelwerk tot trainingen. En we hebben meegedaan aan rally’s in Spanje, Hongarije en Roemenië. Daar hebben we de boel redelijk kunnen testen. Maar lichamelijk heb ik mezelf volledig verwaarloosd. Ik ben verhuisd en ben eigenlijk alleen maar druk geweest. Mijn verjaardag heb ik niet eens gevierd. Gelukkig kan ik redelijk goed zonder slaap. Ik zie met name op tegen de stukken door de hoogvlaktes. Daar zit je op duizenden meters hoogte en zit er veel minder zuurstof in de lucht. Maar anderzijds zie ik daar ook wel naar uit. Weet je, je slaapt misschien telkens drie uurtjes per nacht, het is er warm en je moet hard werken. Het gaat je vroeg of laat toch een keertje opbreken. Dat weet je en daar moet je rekening mee houden!”

“Autotrack/Van Deijne is een wonderbaarlijk en gemêleerd team”, stelt Marcel. “Jong en oud werkt naast elkaar. Hiërarchie is er nauwelijks. De teameigenaar, Tonnie van Deijne, helpt rustig mee met sleutelen. Het is echt een stelletje vrijbuiters bij elkaar. We zijn goed aan elkaar gewaagd. Dat moet ook wel, want je trekt gedurende die twee weken 24 uur per dag met elkaar op. Je zit met elkaar in de auto, je werkt met elkaar, je sleutelt met elkaar en je slaapt bij elkaar. Zoveel zie ik mijn vrouw niet eens…”

En natuurlijk past bij een dergelijke rauwe onderneming als een rally ook een lekker rauw gevoel voor humor. “We zaten bij een eerdere rally in Budapest met elkaar een biertje te drinken in een groot stadion. Je moest een steile trap op om in dat kroegje te kunnen komen. Tonnie van Deijne had zijn auto ervoor staan en gaf een paar keer flink gas, alsof hij de trap wilde oprijden. En wij schreeuwen: ‘Dat durf je toch niet!’ Mooi wel dus. Hij gaf gas en reed zo die trap op, het café in. Wat hebben we gelachen. Die eigenaar ook. En Tonnie heeft vervolgens even een biertje meegedronken en is daarna weer van de trap gereden.”

Namens het Autotrack/Van Deijne team doen twee trucks en één auto, een Mitsubishi, mee. Daarnaast reizen enkele vrachtauto’s het team achterna. In totaal gaan er zestien teamleden mee naar Zuid Amerika. Drie leden blijven in Nederland om communicatie te verzorgen en eventuele ondersteuning te regelen. De rally begint in Buenos Aires (Argentinië) en voert in veertien dagen tijd via Chili weer terug naar die stad. De af te leggen afstand is 9.500 kilometer. Marcel gaat zo meteen waken over de technische staat van de Mitsubishi van teameigenaar/coureur Tonnie van Deijne. “Tonnie’s doel is een plek bij de eerste vijftien. Ik denk dat dat realistisch is.”

De belevenissen van het team zijn zo te volgen op de website staging2.deijnedakar.nl. Je kunt je daar ook aanmelden voor een nieuwsbrief.