Zondagse gedachte: De kunst van het wachten

De Ierse schrijver Samuel Beckett schreef aan het begin van de jaren vijftig van de 20e eeuw een toneelstuk met de titel: Wachten op Godot. Twee mannen staan onder een boom en wachten op ene Godot. Waar ze zijn en hoe lang het duurt is niet duidelijk. En al helemaal niet wie Godot is en waarom ze op hem wachten.

Tijdens het wachten voeren zij bizarre conversaties. Eigenlijk een soort monologen. Ze praten veel, maar zeggen niets. Een jongen komt dagelijks melden dat Godot vandaag niet komt, maar morgen zeker wel. Verder gebeurt er eigenlijk niets.  De personages weten niets zeker, ze hebben geen zekerheid van tijd, plaats en de reden dat ze daar staan. In het stuk komt Godot nooit opdagen. Er komt nooit bevrijding.

Je vraagt je af wat de betekenis is van dit stuk. Gaat het over de zinloosheid van het bestaan? Over eenzaamheid? Of gaat het over de kunst van het wachten? Wachten, we hebben er zo’n hekel aan en we moeten het zo vaak.  Het schijnt dat de gemiddelde mens elf dagen per jaar in een wachtrij doorbrengt. We wachten in de rij voor de kassa, tot de trein het station binnenloopt, in de file op de snelweg, aan de telefoon voordat we een levend mens aan de lijn krijgen en bij een vastgelopen computer.

We wachten op onze geliefde, op onze menstruatie, tot de kinderen thuis komen, tot de ziekte over is. We wachten op de uitslagen van het ziekenhuis, op de wachtlijst voor een operatie. We wachten tot er plaats is in het verpleeghuis. En tot slot wachten we op onze dood. De meeste mensen verlangen naar het eeuwige leven, maar balen als ze tien minuten bij de bushalte moeten staan.

We moeten geduld hebben. Geduld oefenen. En oefenen is veel ‘oef’ zeggen. Geduld betekent aanvaarding. Je weet het niet, je hebt geen grip op de situatie. Wat er komt is ongewis en je moet het de ruimte en de tijd geven om te rijpen. Wachten is als het ware ons voorbereiden op ontvangen, ons de dingen laten géven. Dat gaat in tegen de neiging om alles naar ons toe te halen.

Maar geduld wil niet zeggen dat we niets meer hoeven te doen en lui achterover kunnen leunen. Niet in verveling en lamlendigheid wachten op Godot. Het vraagt een actieve houding en ontvankelijke houding. De kunst van het wachten houdt dus in: actief zijn, betrokken, alert, geworteld in het hier en nu. En niet opgeven.

|Doorsturen

Uitgelicht


Columns

Algemeen

Sport

Politiek

Uit